Menu
0
  • FR
  • NL
  • EN
  • DE
   

Hoeve in MomalleTypisch voor het Haspengouwse landschap zijn de grote vierkantshoeven. Velen hebben een middeleeuwse oorsprong. Ze behoorden toe aan religieuze orden of aan de adel.
Uit die tijd zijn geen gebouwen bewaard gebleven. Volgens reeds oudere teksten, bestaat de Haspengouwse hoeve uit verschillende gebouwen gegroepeerd zijn rond een erf.

De oudste woonhuizen dateren uit de 16de en 17de eeuw. In deze periode was het waarschijnlijk nog gebruikelijk te bouwen met pleisterspecie en beschutwerk. Er bestaan reeds voorbeelden van schuren en stallen die in baksteen werden gebouwd. Er zijn meer schaapskooien dan ossenstallen tijdens het Ancien Régime.
We kunnen bijna met zekerheid stellen dat, gedurende de historische evolutie, de gebouwen steeds dichter bij elkaar werden gebouwd. Van half gesloten groeperingen tot de constructies volgens de vorm van een vierkant.
De meeste 'homogene' boerderijen stammen voornamelijk uit de 18de eeuw. Deze werden gebouwd in slechts één ‘bouwcampagne’, bestonden uit een woongedeelte en een gedeelte voor de landbouwactiviteiten. Het gebruikte bouwmateriaal betreft hier baksteen en steen. Ze behoorden dikwijls toe aan religieuze orden, adel of rijke boeren. Dergelijke constructies werden ook nog  in de 19de en begin van de 20ste eeuw gebouwd, (volgens een zelfde grondplan en schikking van de gebouwen), in gebieden die door nieuwe ontginningen in de omgeving van de Maasvallei werden gewonnen. Er bestaat een grote verscheidenheid aan boerderijen die te danken is aan hun geschiedenis, statuut van de eigenaar of geografische en sociaal-economische omstandigheden tijdens welke deze hoeves zijn gebouwd

Hoeve Heptia in FaimesWat de gewone huizen betreft, blijven er getuigenissen uit de 17de, 18de en 19de eeuw over. Ook deze behoren dikwijls toe aan welgestelde personen. Soms vinden we nog een overblijfsel van een woning uit de 18de eeuw die deel uitmaakte van een klein gehucht waar dagloners verbleven; zoals bijvoorbeeld in Borset. In overgangsgebieden zoals Warnant, Villers, Bodegnée of Amay  is het vaak moeilijk om het verschil te maken tussen de huizen van de industrie-arbeiders en die van de dagloners die in de velden werkten.
Voor veel inwoners van de streek was het kleine landbouwbedrijf aanvullend bij het dagwerk in de fabriek.