TijdlijnDe gemeenten van Haspengouw en MaasArcheologie selected
Geschiedenis
Een streek in het hart van de Europese geschiedenis
Toeristische dienstenGroepsuitstapjesWandelen en FietsenMusea selected
Toerisme
Een kwaliteitsvol toerisme in een gastvrij land
VerscheidenheidHoevenLandschappen selected
Erfgoed
Een land, echt beeld van het Waalse erfgoed

De versterkte woning van Haneffe, adellijk buitenverblijf

Kasteel en bijbehorend domein zijn privébezit.

Rue Ribatte
4357, Donceel (Haneffe)

Edellieden in Haneffe

Het dorpje van Haneffe met zijn gehuchten Donceel en Stier vormden een 'alleu', dat wil zeggen een vrij gebied dat niet aan feodale rechten gebonden was. De eerste vermelding van edellieden in Haneffe vinden we terug in akten uit de 11de eeuw. Eerst is er een zekere Guillaume de Haneffe in 1097 en dan Anselme de Haneffe, die van 1132 tot 1156 in het dorp woonde. De opvolgers nemen de titel aan van ridder met de naam van het dorp in hun embleem. Ridder Eustache Persant de Tweede van Haneffe zal deelnemen aan de oorlog tussen de Waroux en de Awans. De adelwoonst gaat later over in handen van achtereenvolgens de familie Rochefort en de familie de Horne en dan wordt het eigendom van buitenlandse heren, die het gebouw enigszins verwaarlozen.

Pas in 1536 krijgt de woonst enige stabiliteit, doordat het voor ruim een eeuw in handen blijft van de familie de Mirbicht. De erfgenamen van Louis de Mirbicht geraken echter na zijn dood in onmin met hun tante, Louise de Mirbicht. Tegen het einde van het Ancien Régime heeft het gebouw weer verschillende eigenaars gehad. Processen en veroordelingen bevolken de geschiedenis van deze plaats. In 1783 delen de drie eigenaars het goed op: Gilles Lambert d'Othée de Limont en Louis Charles de Maillart krijgen het kasteel, de boerderij en de brouwerij van Haneffe. De ridder van Chestret behoudt de weidegronden, landerijen en de molen. Cijnzen, renten en adelrechten blijven gemeenschappelijk.

De versterkte woning

De versterkte woningHet kasteel en de boerderij zijn onlosmakelijk verbonden. De term hogerhof geldt voor de woning zelf, terwijl de term lagerhof geldt voor de boerderijgebouwen, die de logistieke voorzieningen vormen voor het kasteel. De bewoning van het gebied gaat terug tot in de Middeleeuwen. Hoewel er van voor de 14de eeuw geen archeologische vondsten zijn, is het zeker dat er in de 11de eeuw een houten vesting heeft gestaan, vanaf het ontstaan van de stamboom van Haneffe. Tegen 1586 wordt een beschrijving op schrift gesteld van de versterkte woning en de bijbehorende boerderij (schuur, stallen, schaapskooien, duiventil). Hierin ligt de nadruk op het defensieve karakter van de vesting. Ook wordt gewag gemaakt van slechts één ingang voor kasteel en boerderij samen. Een ophaalbrug maakte toen de scheiding tussen boerderij en kasteel. Het kasteel werd aangevuld door een omwalling met twee bastions, zoals in de 16de en 17de eeuw gebruikelijk was. In de tuin vindt men nog een kelder die toegang biedt tot de schietkamer van de huidige omwalling.

In de 18de eeuw bezoekt de verlichte reiziger de Saumery het kasteel en beschrijft nog eens zijn defensieve karakter. En inderdaad, terwijl de slottorens en landhuizen van meeste dorpen in de buurt afgebroken worden en vervangen worden door luxueuze buitenverblijven, behoudt Haneffe zijn vesting met de twee ronde torens. De imposante middeleeuwse schouw met gebeeldhouwde flanken in de salon herinnert ons aan de geraffineerde smaak van de toenmalige eigenaars. De zaal ernaast bevat nog drie alkoofbedden. De kelders van de woning zijn minstens even interessant vanwege hun bakstenen gewelven, die gedeeltelijk op kalkstenen pilaren steunen. De pilaren stammen uit de 16de en 17de eeuw en zijn gotisch van stijl.

Brochures | Links | Partners | Fotogalerij | Gids